
Compleet met oranje pruik en een wonderlijk schoonmaaktenue staat Kim Hoorweg SAPsite te woord. Vandaag stort het 15-jarige jazztalent zich nog vol overgave in het Limburgse carnavalsgedruis, om volgend weekend in ons eigen Utrecht de sterren van de hemel te zingen. In het kader van Culturele Zondag ‘Jazz Enz' treedt ze samen met haar eigen kwintet The Missionary-5 en saxofoontalent Tineke Postma op in de Winkel van Sinkel.
tekst: Lynn Boschloo
Als zangeres ben je er vroeg bij. Die muzikaliteit heb je vast van geen vreemde?
Inderdaad, mijn moeder is muziektherapeute en geeft zangtherapie. Door middel van zang probeert zij mensen iets positiefs in hun leven te geven. Mijn vader is een bekende jazzpianist (Erwin Hoorweg van The Houdini’s, red.). Mijn jongere broertje zingt ook.
Wat is je vroegste muzikale herinnering?
Hoewel ik nog een baby was en ik het me zelf niet meer kan herinneren, schijnt mijn vader me vroeger altijd op zijn rug te hebben genomen als ik buikpijn had. Hij danste dan op Bach en ik werd daar rustig van en stopte met huilen.
En dat getrooste meisje groeide en groeide en maakte uiteindelijk een album?
In de zomervakantie van 2006, toen ik nog 13 jaar was, hebben we mijn eerste album opgenomen. Dat ging eigenlijk heel relaxt want we wilden de cd in eigen beheer uitbrengen en hadden geen haast. Uiteindelijk is de muziek bij Universal terechtgekomen en kreeg ik een contract aangeboden bij het Amerikaanse platenlabel Verve. In mei van het vorige jaar is toen mijn eerste cd uitgebracht.
Wat doe je nu?
Op dit moment ben ik bezig met mijn eigen theatertour. Ook ben ik druk met het schrijven van eigen muziek, waarvan er al zo’n zes nummers af zijn. Dat schrijven doe ik meestal met mijn vader en dat vind ik fijn. Wanneer de één vast komt te zitten, kan de ander helpen je er doorheen te slepen. Zo lukte het laatst maar niet met mijn nieuwe nummer ‘Bonna Bananablues’. De volgende dag keken we er samen naar en in zo’n drie minuten was het liedje af. We beginnen dan vaak met een klein idee en gaan verder wat ‘klooien’: de beat, de akkoorden, de melodie en op het laatst de tekst.
Je trad al eens op in de Heineken Music Hall met het Metropole Orkest en Trijntje Oosterhuis. Ook stond je op het North Sea Jazz Festival van vorig jaar. Wat vind je van al dat succes?
Ik vind het natuurlijk super dat het zo goed gaat! Maar ik probeer er ook koel onder te blijven. Er zijn namelijk mensen die helemaal gaan flippen van al het succes, dat probeer ik niet te doen.
Blijf je altijd zo relaxt of sta je ook wel eens te trillen op je benen van de spanning?
Als mijn moeder zegt dat er heel veel mensen in de zaal zijn dan vind ik het wel heel spannend. Als ik die mensen dan ook echt zie als ik het podium op stap dan bereikt die spanning echt een hoogtepunt.
Volgende week treed je op in Utrecht. Zin?
Ik heb heel veel zin om in Utrecht op te treden. Ik kom ook uit de buurt, uit Vianen, en hoop dat er veel mensen naar het concert komen.
Tot slot, waar droom je nog van?
Om naar New York te gaan, omdat het zo’n vette stad is! Of naar Japan, dat zou ook super zijn!
tekst: Lynn Boschloo
Als zangeres ben je er vroeg bij. Die muzikaliteit heb je vast van geen vreemde?
Inderdaad, mijn moeder is muziektherapeute en geeft zangtherapie. Door middel van zang probeert zij mensen iets positiefs in hun leven te geven. Mijn vader is een bekende jazzpianist (Erwin Hoorweg van The Houdini’s, red.). Mijn jongere broertje zingt ook.Wat is je vroegste muzikale herinnering?
Hoewel ik nog een baby was en ik het me zelf niet meer kan herinneren, schijnt mijn vader me vroeger altijd op zijn rug te hebben genomen als ik buikpijn had. Hij danste dan op Bach en ik werd daar rustig van en stopte met huilen.
En dat getrooste meisje groeide en groeide en maakte uiteindelijk een album?
In de zomervakantie van 2006, toen ik nog 13 jaar was, hebben we mijn eerste album opgenomen. Dat ging eigenlijk heel relaxt want we wilden de cd in eigen beheer uitbrengen en hadden geen haast. Uiteindelijk is de muziek bij Universal terechtgekomen en kreeg ik een contract aangeboden bij het Amerikaanse platenlabel Verve. In mei van het vorige jaar is toen mijn eerste cd uitgebracht.
Wat doe je nu?
Op dit moment ben ik bezig met mijn eigen theatertour. Ook ben ik druk met het schrijven van eigen muziek, waarvan er al zo’n zes nummers af zijn. Dat schrijven doe ik meestal met mijn vader en dat vind ik fijn. Wanneer de één vast komt te zitten, kan de ander helpen je er doorheen te slepen. Zo lukte het laatst maar niet met mijn nieuwe nummer ‘Bonna Bananablues’. De volgende dag keken we er samen naar en in zo’n drie minuten was het liedje af. We beginnen dan vaak met een klein idee en gaan verder wat ‘klooien’: de beat, de akkoorden, de melodie en op het laatst de tekst.
Je trad al eens op in de Heineken Music Hall met het Metropole Orkest en Trijntje Oosterhuis. Ook stond je op het North Sea Jazz Festival van vorig jaar. Wat vind je van al dat succes?
Ik vind het natuurlijk super dat het zo goed gaat! Maar ik probeer er ook koel onder te blijven. Er zijn namelijk mensen die helemaal gaan flippen van al het succes, dat probeer ik niet te doen.
Blijf je altijd zo relaxt of sta je ook wel eens te trillen op je benen van de spanning?
Als mijn moeder zegt dat er heel veel mensen in de zaal zijn dan vind ik het wel heel spannend. Als ik die mensen dan ook echt zie als ik het podium op stap dan bereikt die spanning echt een hoogtepunt.
Volgende week treed je op in Utrecht. Zin?
Ik heb heel veel zin om in Utrecht op te treden. Ik kom ook uit de buurt, uit Vianen, en hoop dat er veel mensen naar het concert komen.
Tot slot, waar droom je nog van?
Om naar New York te gaan, omdat het zo’n vette stad is! Of naar Japan, dat zou ook super zijn!



