
Veel dieren en andere rare vogels
De dag begint op het Stadhuis, waar ik te laat kom voor het interview met Dick Bruna en burgemeester Wolfsen. Ik wacht in de hal tot mijn contactpersoon van de Culturele Zoo – de oppasser dus eigenlijk – de zaal uitkomt, om mij de benodigde pasjes te verschaffen.
foto: René den Engelsman
Ik wacht, luister naar het applaus en het gelach dat zich door de muren van de raadszaal een weg naar buiten baant. De zaal waar de avond tevoren nog weinig te lachen viel. Waar nu Nijntje wordt voorgelezen, is gisteravond de coalitie in elkaar geklapt.
Als ik het programma heb doorgenomen en mijn route met een gele marker heb uitgestippeld, is er pas een kwartier verstreken. Nog een half uur wachten. De portiers van het gemeentehuis bespreken de kortste route naar Vianen. Ik wist niet dat je daar zo snel komen kon.
Nog vierentwintig minuten. Ik kijk naar de portretten van oud-burgemeesters aan de wand. Ik herken Ivo Opstelten, die behoorlijk is aangekomen sinds hij naar Rotterdam is vertrokken. Of het portret flatteert hem. Dat kan natuurlijk ook.
Als het slotapplaus in de zaal is verstomd, krijg ik mijn pasje van een meisje dat me vraagt waarom ik niet eerder gekomen ben. Ik heb me verslapen, maar dat lijkt me niet het juiste antwoord. Op sommige vragen bestaat geen juist antwoord. Ik pak mijn pasje aan en verlaat het Stadhuis.
Dierencarnaval
Voor Tim Krabbé op het CS ben ik te laat, misschien kan ik hem nog net uitzwaaien als hij met de trein naar de volgende activiteit vertrekt. En dus begeef ik me naar de Mariaplaats, waar Vrouwkje Tuinman het klassieke muziekstuk Le Carnaval des Animaux zal opluisteren met dierengedichten van haar hand.
Het optreden laat even op zich wachten. Onophoudelijk stromen er mensen de zaal van het Conservatorium binnen en stommelen naar die ene lege plek midden in de rij.
Het geeft me de tijd om na te denken over al die mensen. Wat bezielt bijvoorbeeld dat ene jonge stel, dat met een kinderwagen en een draagzak een plekje zoekt? De baby’s houden zich lang stil, maar zodra Vrouwkje begint met voordragen, zet één van de twee aan voor een huilbui die wel eens lang zou kunnen duren. De moeder verlaat de zaal en de rest van het optreden horen wij nog slechts wat gesmoord gekrijs uit de hal komen.
Vrouwkje Tuinman wordt overigens niet begeleid door pianist Jeroen van Veen, het is eerder andersom. Tuinman vult de pauzes tussen de pianostukken op met lieve dierengedichtjes. Toon Tellegen in een mooie jurk, denk ik even. Het publiek is enthousiast, hoewel de ovatie na afloop een beetje halfslachtig is. Het echtpaar voor me is ook enthousiast. ‘Wat vond je ervan?’ vraagt de man aan zijn vrouw. ‘Mooie piano!’ antwoordt ze.
Dierenpartij
Het is 13:30 als ik de zaal verlaat. Te laat voor de hiphopversie van Reinaert de Vos, te laat ook voor het voorlezen van Henk Westbroek in het Dick Bruna-huis. “Zelfs je naam is mooi: Nijntje Pluis.”
Ik fiets naar het gerestylde café Hofman, waar een penetrante verflucht hangt. Daar zal Marianne Thieme vragen beantwoorden naar aanleiding van het verschijnen van een diervriendelijk pamflet dat zij heeft geschreven. De ondervrager van dienst is Leon Verdonschot.
foto: Moon Saris
Aan de bar staan vier kale mannen, maar geen van hen is Verdonschot. Ik had een leger militante dierenvrienden verwacht, maar het valt mee. Veel leren schoenen en zelfs iets wat op een bontkraag lijkt. Imitatiebont, denk ik.
Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren is een begenadigd spreekster. Of ze ook zo goed schrijft, weet ik niet, maar er worden veel boekjes verkocht bij het standje in de hoek van het café. Ondertussen wordt Thieme – met haar paardenstaart helemaal in het dierenthema – pittig ondervraagd door Verdonschot, die haar het vuur aan de schenen legt.
‘Eén van de moties die uw partij indiende was een verbod op de vissenkom.’
‘Dat is ook een schrijnende situatie’ antwoordt Marianne.
Niemand lacht. Het is ook geen grap.
Thieme legt uit waarom zij zich zo hard maakt voor dierenrechten. ‘Het geven van rechten aan dieren is een logisch gevolg van de geschiedenis. Eerst gaven we rechten aan slaven, toen aan vrouwen, toen aan kinderen en toen aan de homo’s en de lesbiennes. Nu zijn de dieren aan de beurt.’
Weer lacht er niemand. Thieme verstaat de kunst van het vanzelfsprekend maken van het onvanzelfsprekende. De oneliner ‘de kippen pikken het niet langer’ zal me nog lang bijblijven, denk ik.
Getekende vogels
Inmiddels loopt Hofman almaar verder vol. Ik kijk op mijn programma. Fokke & Sukke, staat er. Die heb ik altijd al eens willen ontmoeten dus blijf ik zitten. Er zijn er meer die op dat idee gekomen zijn, want Marianne Thieme is nog niet vertrokken, of Hofman staat vol met fans van een getekende eend en kanarie.
foto: René den Engelsman
Het optreden van Jean-Marc van Tol – de tekenaar, de vogels zelf laten verstek gaan – duurt een half uur en gedurende dat half uur staat er een meisje zo dicht achter me dat haar kin af en toe op mijn schouder rust. Ze vindt er niet veel aan. Aan het optreden, bedoel ik. ‘Ik zie niks, Fer’ zegt ze tot tweemaal toe. En één keer voegt ze eraan toe: ‘Deze jongen zit er precies voor met zijn hoofd.’
Wat nu gebeurt, is zelfs voor mij als liefhebber van Fokke en Sukke te veel van het goede. De op een beamer geprojecteerde cartoons worden eerst door Van Tol voorgelezen, waarna ‘Fer’ ze nog eens voorleest en daarbij ook nog eens vertelt wat er op het plaatje te zien is. Had ik er maar niet met mijn hoofd voor moeten gaan zitten.
Stadsliteratuur
Als het halfuur is afgelopen en ik met de massa de Hofman uitgestroomd ben, pak ik het programma er weer bij. Eddie Ekster is al geweest, evenals Kader Abdolah in de Domkerk. Als ik opschiet haal ik Vincent Bijlo nog, die voorleest over zijn blindengeleidehond in het Werftheater. Om 16:30 stelt Ingmar Heytze zijn bundel stadsgedichten voor in het Stadhuis. Wéér Ingmar Heytze, maar ach, het is een mooie dichter en een leuke man bovendien. En het Stadhuis is dichterbij dan het Werftheater…
foto: René den Engelsman
Weliswaar heb ik Ingmar in korte tijd een aantal keer gezien en hebben wij zo af en toe mailcontact, gesproken hebben we elkaar nog nooit. Hij weet niet wie ik ben en ik durf me niet voor te stellen, uit angst dat mijn kinderlijke bewondering het wint van mijn sociale vaardigheden.
De trouwzaal zit al goed vol als ik nog een plekje naast de vleugel verover. Heytze zit op zijn knieën en bekommert zich om de geluidsinstallatie. De dichter als homo universalis, want hij praat zijn eigen programma ook nog eens met een Van Nieuwkerkiaans gemak aan elkaar, traineert de boel een beetje wanneer zijn uitgever er nog niet blijkt te zijn en kondigt de bevriende zangers aan, die ieder een gedicht van Heytze op muziek hebben gezet. Ze zijn zo goed dat ik ze allemaal even noem: Harold K., Desmond Haneveer, Leine, Hanz Mirck, Kees Wennendonk, Eric de Koning en Menno Wolters.
Heytze is zichtbaar ontroerd, maar houdt de controle over de middag. In elk geval totdat hij naar de zaal wordt geroepen om daar geïnstalleerd te worden als stadsdichter. Burgemeester Wolfsen en twee dames die zich eveneens bewegen in de top van de lokale politiek houden een praatje en bieden Heytze een eigen stadsdichterszetel en een pak visitekaartjes aan.
Dan is het tijd voor de borrel, waarbij de glazen wijn sneller achterover worden geslagen dan het meisje van de organisatie ze kan bijvullen. De Utrechtse cultuurscene ziet mekaar weer eens en het wordt almaar gezelliger. Eén man kan aan die gezelligheid nauwelijks deelnemen; Ingmar Heytze zit in een hoekje en signeert onverdroten voort.
Literair voldaan
Het avondprogramma laat ik schieten, de wijn en de pinda’s worden me teveel. Jammer van het Pessoadiner in Restaurant Algarve waar ik een driegangenmaaltijd aan me voorbij moet laten gaan, inclusief duiding van de gerechten door Pessoakenner Michaël Stoker. Jammer ook van Ronald Gipharts culinaire avondje in de Pastoefabriek. Een avond vol literatuur en eten kan me niet meer over de streep trekken. Ik ben voldaan.
reacties: 3
| reageer
De dag begint op het Stadhuis, waar ik te laat kom voor het interview met Dick Bruna en burgemeester Wolfsen. Ik wacht in de hal tot mijn contactpersoon van de Culturele Zoo – de oppasser dus eigenlijk – de zaal uitkomt, om mij de benodigde pasjes te verschaffen.
foto: René den EngelsmanIk wacht, luister naar het applaus en het gelach dat zich door de muren van de raadszaal een weg naar buiten baant. De zaal waar de avond tevoren nog weinig te lachen viel. Waar nu Nijntje wordt voorgelezen, is gisteravond de coalitie in elkaar geklapt.
Als ik het programma heb doorgenomen en mijn route met een gele marker heb uitgestippeld, is er pas een kwartier verstreken. Nog een half uur wachten. De portiers van het gemeentehuis bespreken de kortste route naar Vianen. Ik wist niet dat je daar zo snel komen kon.
Nog vierentwintig minuten. Ik kijk naar de portretten van oud-burgemeesters aan de wand. Ik herken Ivo Opstelten, die behoorlijk is aangekomen sinds hij naar Rotterdam is vertrokken. Of het portret flatteert hem. Dat kan natuurlijk ook.
Als het slotapplaus in de zaal is verstomd, krijg ik mijn pasje van een meisje dat me vraagt waarom ik niet eerder gekomen ben. Ik heb me verslapen, maar dat lijkt me niet het juiste antwoord. Op sommige vragen bestaat geen juist antwoord. Ik pak mijn pasje aan en verlaat het Stadhuis.
Dierencarnaval
Voor Tim Krabbé op het CS ben ik te laat, misschien kan ik hem nog net uitzwaaien als hij met de trein naar de volgende activiteit vertrekt. En dus begeef ik me naar de Mariaplaats, waar Vrouwkje Tuinman het klassieke muziekstuk Le Carnaval des Animaux zal opluisteren met dierengedichten van haar hand.
Het optreden laat even op zich wachten. Onophoudelijk stromen er mensen de zaal van het Conservatorium binnen en stommelen naar die ene lege plek midden in de rij.
Het geeft me de tijd om na te denken over al die mensen. Wat bezielt bijvoorbeeld dat ene jonge stel, dat met een kinderwagen en een draagzak een plekje zoekt? De baby’s houden zich lang stil, maar zodra Vrouwkje begint met voordragen, zet één van de twee aan voor een huilbui die wel eens lang zou kunnen duren. De moeder verlaat de zaal en de rest van het optreden horen wij nog slechts wat gesmoord gekrijs uit de hal komen.
Vrouwkje Tuinman wordt overigens niet begeleid door pianist Jeroen van Veen, het is eerder andersom. Tuinman vult de pauzes tussen de pianostukken op met lieve dierengedichtjes. Toon Tellegen in een mooie jurk, denk ik even. Het publiek is enthousiast, hoewel de ovatie na afloop een beetje halfslachtig is. Het echtpaar voor me is ook enthousiast. ‘Wat vond je ervan?’ vraagt de man aan zijn vrouw. ‘Mooie piano!’ antwoordt ze.
Dierenpartij
Het is 13:30 als ik de zaal verlaat. Te laat voor de hiphopversie van Reinaert de Vos, te laat ook voor het voorlezen van Henk Westbroek in het Dick Bruna-huis. “Zelfs je naam is mooi: Nijntje Pluis.”
Ik fiets naar het gerestylde café Hofman, waar een penetrante verflucht hangt. Daar zal Marianne Thieme vragen beantwoorden naar aanleiding van het verschijnen van een diervriendelijk pamflet dat zij heeft geschreven. De ondervrager van dienst is Leon Verdonschot.
foto: Moon SarisAan de bar staan vier kale mannen, maar geen van hen is Verdonschot. Ik had een leger militante dierenvrienden verwacht, maar het valt mee. Veel leren schoenen en zelfs iets wat op een bontkraag lijkt. Imitatiebont, denk ik.
Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren is een begenadigd spreekster. Of ze ook zo goed schrijft, weet ik niet, maar er worden veel boekjes verkocht bij het standje in de hoek van het café. Ondertussen wordt Thieme – met haar paardenstaart helemaal in het dierenthema – pittig ondervraagd door Verdonschot, die haar het vuur aan de schenen legt.
‘Eén van de moties die uw partij indiende was een verbod op de vissenkom.’
‘Dat is ook een schrijnende situatie’ antwoordt Marianne.
Niemand lacht. Het is ook geen grap.
Thieme legt uit waarom zij zich zo hard maakt voor dierenrechten. ‘Het geven van rechten aan dieren is een logisch gevolg van de geschiedenis. Eerst gaven we rechten aan slaven, toen aan vrouwen, toen aan kinderen en toen aan de homo’s en de lesbiennes. Nu zijn de dieren aan de beurt.’
Weer lacht er niemand. Thieme verstaat de kunst van het vanzelfsprekend maken van het onvanzelfsprekende. De oneliner ‘de kippen pikken het niet langer’ zal me nog lang bijblijven, denk ik.
Getekende vogels
Inmiddels loopt Hofman almaar verder vol. Ik kijk op mijn programma. Fokke & Sukke, staat er. Die heb ik altijd al eens willen ontmoeten dus blijf ik zitten. Er zijn er meer die op dat idee gekomen zijn, want Marianne Thieme is nog niet vertrokken, of Hofman staat vol met fans van een getekende eend en kanarie.
foto: René den EngelsmanHet optreden van Jean-Marc van Tol – de tekenaar, de vogels zelf laten verstek gaan – duurt een half uur en gedurende dat half uur staat er een meisje zo dicht achter me dat haar kin af en toe op mijn schouder rust. Ze vindt er niet veel aan. Aan het optreden, bedoel ik. ‘Ik zie niks, Fer’ zegt ze tot tweemaal toe. En één keer voegt ze eraan toe: ‘Deze jongen zit er precies voor met zijn hoofd.’
Wat nu gebeurt, is zelfs voor mij als liefhebber van Fokke en Sukke te veel van het goede. De op een beamer geprojecteerde cartoons worden eerst door Van Tol voorgelezen, waarna ‘Fer’ ze nog eens voorleest en daarbij ook nog eens vertelt wat er op het plaatje te zien is. Had ik er maar niet met mijn hoofd voor moeten gaan zitten.
Stadsliteratuur
Als het halfuur is afgelopen en ik met de massa de Hofman uitgestroomd ben, pak ik het programma er weer bij. Eddie Ekster is al geweest, evenals Kader Abdolah in de Domkerk. Als ik opschiet haal ik Vincent Bijlo nog, die voorleest over zijn blindengeleidehond in het Werftheater. Om 16:30 stelt Ingmar Heytze zijn bundel stadsgedichten voor in het Stadhuis. Wéér Ingmar Heytze, maar ach, het is een mooie dichter en een leuke man bovendien. En het Stadhuis is dichterbij dan het Werftheater…
foto: René den EngelsmanWeliswaar heb ik Ingmar in korte tijd een aantal keer gezien en hebben wij zo af en toe mailcontact, gesproken hebben we elkaar nog nooit. Hij weet niet wie ik ben en ik durf me niet voor te stellen, uit angst dat mijn kinderlijke bewondering het wint van mijn sociale vaardigheden.
De trouwzaal zit al goed vol als ik nog een plekje naast de vleugel verover. Heytze zit op zijn knieën en bekommert zich om de geluidsinstallatie. De dichter als homo universalis, want hij praat zijn eigen programma ook nog eens met een Van Nieuwkerkiaans gemak aan elkaar, traineert de boel een beetje wanneer zijn uitgever er nog niet blijkt te zijn en kondigt de bevriende zangers aan, die ieder een gedicht van Heytze op muziek hebben gezet. Ze zijn zo goed dat ik ze allemaal even noem: Harold K., Desmond Haneveer, Leine, Hanz Mirck, Kees Wennendonk, Eric de Koning en Menno Wolters.
Heytze is zichtbaar ontroerd, maar houdt de controle over de middag. In elk geval totdat hij naar de zaal wordt geroepen om daar geïnstalleerd te worden als stadsdichter. Burgemeester Wolfsen en twee dames die zich eveneens bewegen in de top van de lokale politiek houden een praatje en bieden Heytze een eigen stadsdichterszetel en een pak visitekaartjes aan.
Dan is het tijd voor de borrel, waarbij de glazen wijn sneller achterover worden geslagen dan het meisje van de organisatie ze kan bijvullen. De Utrechtse cultuurscene ziet mekaar weer eens en het wordt almaar gezelliger. Eén man kan aan die gezelligheid nauwelijks deelnemen; Ingmar Heytze zit in een hoekje en signeert onverdroten voort.
Literair voldaan
Het avondprogramma laat ik schieten, de wijn en de pinda’s worden me teveel. Jammer van het Pessoadiner in Restaurant Algarve waar ik een driegangenmaaltijd aan me voorbij moet laten gaan, inclusief duiding van de gerechten door Pessoakenner Michaël Stoker. Jammer ook van Ronald Gipharts culinaire avondje in de Pastoefabriek. Een avond vol literatuur en eten kan me niet meer over de streep trekken. Ik ben voldaan.
Moon
01-06-2009
De foto van Marianne Thieme is niet van Rene den Engelsman, maar van Moon Saris :-)
De foto van Marianne Thieme is niet van Rene den Engelsman, maar van Moon Saris :-)
Redactie
02-06-2009
Check! Aangepast met oprechte excuses... ;-)
Check! Aangepast met oprechte excuses... ;-)
Moon
11-10-2009
Kleinigheidje hou je altijd. Jullie zijn ontzettend netjes met credits, dus bedankt!
Kleinigheidje hou je altijd. Jullie zijn ontzettend netjes met credits, dus bedankt!



