Home / expo-musea / Rietveld Schröderhuis
Een bezoekje waard
Rietveld Schröderhuis
14-2-2012 | expo-musea |
Elke ochtend fietsen hordes gehaaste studenten op weg naar hun collegezaal er langs. Jarenlang reed ook ik wekelijks en soms zelfs dagelijks langs het witte huis met de gekleurde accenten onderweg naar de bibliotheek. Bij het passeren wierp ik er altijd even een blik op. Nooit was ik er echter binnen geweest. Vandaag is het zo ver. Ik ga het beroemdste woonhuis van Utrecht bezoeken. Ontworpen door misschien wel Nederlands grootste architect ooit, Gerrit Rietveld. Ik heb het natuurlijk over het Rietveld Schröderhuis, gelegen aan wat ooit de rand van Utrecht was. Nu ligt het op de route naar de Uithof. Tijd om niet alleen een blik op het huis te werpen, maar er daadwerkelijk naar binnen te gaan.
Audiotour op sloffen
Enthousiast sta ik bij de voordeur te wachten om naar binnen te gaan, maar de vrijwilliger in het huis stuurt mij eerst naar de kassa, onder het viaduct door en dan linksaf. Daar staat een rij huizen, eveneens ontworpen door Rietveld en in één daarvan bevindt zich het ticketoffice. Eenmaal bij het juiste gebouw aangekomen haal ik een kaartje en krijg vervolgens een audiotour in de handen gedrukt, plus een paar sloffen. Je kan overigens met het entreeticket voor het Rietveldhuis dezelfde dag nog bij het Centraal Museum terecht.
Het eerste deel van de tour beluister je buiten op straat. Er wordt iets verteld over de buitenkant van het huis en over de omgeving. Vervolgens gaan de sloffen aan en mag ik het huis binnen. De vrijwilliger van net staat weer klaar, nu een en ander toe te lichten alvorens ik de rondleiding binnenshuis kan hervatten.
Licht, open, ruimtelijk
Het is erg fijn dat je zelf kunt rondlopen terwijl je ondertussen allerlei informatie te horen krijgt via de audiotour. Daardoor gaat geen enkel detail verloren en ontdek je alle geheimen en handigheidjes die het huis in zich verborgen heeft. De ruimtes kenmerken zich door een grote mate van inventiviteit. Bovendien lijken veel aspecten van het huis en het interieur in onze ogen normaal, maar waren ze voor die tijd zeer vooruitstrevend. Zo kent het huis een grote ruimtelijkheid en is het een zeer licht en open gebouw. Uiteraard is het kleurgebruik (beperkt tot de kleuren zwart, wit, grijs, rood, blauw en geel) bijzonder. Maar ook kleine dingen als de glazen brievenbus, zodat je snel kunt zien of de postbode is geweest, de keukenkastjes met glazen deuren of het gebruik van ramen in de binnenmuren om meer licht te creëren, waren voor die tijd ongebruikelijk.
Rietveld & Schröder
Architect en ontwerper Gerrit Rietveld en binnenhuisarchitect Truus Schröder hebben samen dit bijzondere huis ontworpen. Na de dood van haar man zocht Schröder een kleiner huis om te gaan wonen met haar drie kinderen. Ze gaf Rietveld de opdracht het gebouw te ontwerpen en gezamenlijk gingen ze op zoek naar een geschikt stukje grond. Dit vonden ze aan wat toen de rand van Utrecht was, namelijk op de Prins Hendriklaan. De bouw kon beginnen en in 1924 verrees wat nu bekend staat als het Rietveld Schröderhuis. Tot aan haar dood in 1985 heeft Truus Schröder in het huis gewoond. Sinds 2000 staat het gebouw als enige woonhuis op de UNESCO Werelderfgoedlijst.
Zitten is een werkwoord
Rietveld is weliswaar de architect en uiteindelijke ontwerper van het huis, maar Schröder had een goed beeld van het soort huis dat ze wilde en het ontwerp is mede met haar ideeën tot stand gekomen. Een van haar wensen was een sobere woning. Daarnaast wilde Schröder de keuken en woonkamer op de bovenste verdieping hebben. Tot slot beschouwde ze wonen als een bewuste bezigheid en dit idee moest terugkomen in het ontwerp. In het eindresultaat is dit laatste principe onder meer terug te zien op de bovenverdieping. Daar kunnen alle muren via rails ingeschoven worden. Hierdoor ontstaat één grote leefruimte in plaats van diverse slaap- en woonkamers. De ramen worden 's nachts afgedekt met panelen die overdag een plek aan de muur of voor een kast hebben. Bedden kunnen met een paar handelingen tot banken omgetoverd worden. Actief en bewust wonen dus. Dit idee paste perfect bij Rietvelds eigen filosofie, die veel overeenkomsten kende met de beginselen van de Nederlandse kunststroming De Stijl, waar hij een periode bij was aangesloten. Rietveld zocht bij het ontwerpen naar soberheid, orde en eenvoud. Daar zat voor hem de schoonheid in. Het zitcomfort (of het gebrek daaraan) interesseerde hem minder. Een bekende uitspraak van Rietveld is niet voor niets: “Zitten is een werkwoord”.
Audiotour op sloffen
Foto Ernst Moritz 2009
|
Het eerste deel van de tour beluister je buiten op straat. Er wordt iets verteld over de buitenkant van het huis en over de omgeving. Vervolgens gaan de sloffen aan en mag ik het huis binnen. De vrijwilliger van net staat weer klaar, nu een en ander toe te lichten alvorens ik de rondleiding binnenshuis kan hervatten.
Licht, open, ruimtelijk
1ste etage Rietveld Schröderhuis, ontworpen door Gerrit Th. Rietveld, 1924. Het Rietveld Schröderhuis is onderdeel het Centraal Museum, Utrecht. Foto & copyright: Centraal Museum, Utrecht |
Rietveld & Schröder
Architect en ontwerper Gerrit Rietveld en binnenhuisarchitect Truus Schröder hebben samen dit bijzondere huis ontworpen. Na de dood van haar man zocht Schröder een kleiner huis om te gaan wonen met haar drie kinderen. Ze gaf Rietveld de opdracht het gebouw te ontwerpen en gezamenlijk gingen ze op zoek naar een geschikt stukje grond. Dit vonden ze aan wat toen de rand van Utrecht was, namelijk op de Prins Hendriklaan. De bouw kon beginnen en in 1924 verrees wat nu bekend staat als het Rietveld Schröderhuis. Tot aan haar dood in 1985 heeft Truus Schröder in het huis gewoond. Sinds 2000 staat het gebouw als enige woonhuis op de UNESCO Werelderfgoedlijst.
Zitten is een werkwoord
Trap Rietveld Schröderhuis, ontworpen door Gerrit Th. Rietveld, 1924. Het Rietveld Schröderhuis is onderdeel het Centraal Museum, Utrecht. Foto & copyright: Centraal Museum, Utrecht
|

1ste etage Rietveld Schröderhuis, ontworpen door Gerrit Th. Rietveld, 1924. Het Rietveld Schröderhuis is onderdeel het Centraal Museum, Utrecht. Foto & copyright: Centraal Museum, Utrecht



