Een heerlijk lesje filmgeschiedenis
The Artist
7-2-2012 | film |
Wanneer je film voor zes Golden Globes is genomineerd, er daar drie van wint en bovendien tien Oscarnominaties krijgt, mag je als filmmaker trots zijn. Regisseur Michel Hazanavicius overkwam dat dit jaar. Zijn zwijgende zwart-wit film, The Artist, is een van de meest geprezen films van het moment. De film draait alweer een aantal weken in de bioscoop, maar met al deze prijzen moest Sapsite toch even een kijkje nemen.

Bye Bye Silent
Misschien kan je je het niet meer voorstellen, maar ooit keek men in de bioscoopzalen naar films zonder geluid. Begeleid door een orkest en met wat tussentitels ter uitleg werden verhalen zonder stemmen verteld. Ze waren goed te volgen en werden mateloos geprezen. Eind jaren ’20 nam de filmindustrie echter nieuwe stappen: film werd met geluid gecombineerd. In 1927 nam Amerika het voortouw met 'The Jazz Singer'. Deze eerste geluidsfilm sloeg aan en binnen een paar jaar verschenen er alleen nog talkies in de bioscopen.
Naast een ander narratief bracht deze verandering ook een nieuwe generatie acteurs met zich mee. De oude sterren van welleer werden al snel als ouderwets bestempeld en ingeruild. 'The Artist' gaat over zo’n acteur. George Valentin (Jean Dujardin) is een van de sterren die in de zwijgende film schittert. Met een lach en een tikkeltje arrogantie verwarmt hij de duizenden bioscoopbezoekers. George’s status is hoog. Zo heeft hij vaak het laatste woord en helpt hij bijvoorbeeld de jonge Peppy Miller (Bérénice Bejo) aan haar eerste rol, alleen omdat hij haar wel leuk vindt. Met de komst van de geluidsfilm, verandert dit. Terwijl hij eerst schamper lacht, wordt hij al snel als “He is nobody now” bestempeld. Adieu carrière..

Oude flair
'The Artist' klopt helemaal als zwijgende film. Zwart-witte, donkere hoeken, af en toe scheve camerastandpunten en mooie tussentitels vullen het beeld. Ook het narratief en het acteerwerk zijn passend voor de zwijgende film. Naast de verwijzingen naar andere films, is het verhaal volgens klassiek stramien opgebouwd met aan het eind de voorspelbare climax. Dujardin en Bejo lijken geheel uit de jaren ’20 te zijn gestapt. De knipogen van haar en de grote glimlach van hem zijn beide perfect. Weten we zeker dat ze anno nu zijn?
Constante lach
The Artist verdient zeker al zijn lovende kritieken. Het is een zoet drama dat ons toch ook een lesje filmgeschiedenis geeft. Je zit de gehele film in oude sferen en wordt op een soms benauwende manier met de verandering in film geconfronteerd. Lachen doe je echter constant. Om de goede cast en om het heerlijke hondje van George, die misschien wel de grootste ster is. Wanneer het Steven Spielberg lukt om inderdaad een Oscar voor dieren in te voeren, maakt deze zeker kans! Nog een prijs erbij!

Bye Bye Silent
Misschien kan je je het niet meer voorstellen, maar ooit keek men in de bioscoopzalen naar films zonder geluid. Begeleid door een orkest en met wat tussentitels ter uitleg werden verhalen zonder stemmen verteld. Ze waren goed te volgen en werden mateloos geprezen. Eind jaren ’20 nam de filmindustrie echter nieuwe stappen: film werd met geluid gecombineerd. In 1927 nam Amerika het voortouw met 'The Jazz Singer'. Deze eerste geluidsfilm sloeg aan en binnen een paar jaar verschenen er alleen nog talkies in de bioscopen.
Naast een ander narratief bracht deze verandering ook een nieuwe generatie acteurs met zich mee. De oude sterren van welleer werden al snel als ouderwets bestempeld en ingeruild. 'The Artist' gaat over zo’n acteur. George Valentin (Jean Dujardin) is een van de sterren die in de zwijgende film schittert. Met een lach en een tikkeltje arrogantie verwarmt hij de duizenden bioscoopbezoekers. George’s status is hoog. Zo heeft hij vaak het laatste woord en helpt hij bijvoorbeeld de jonge Peppy Miller (Bérénice Bejo) aan haar eerste rol, alleen omdat hij haar wel leuk vindt. Met de komst van de geluidsfilm, verandert dit. Terwijl hij eerst schamper lacht, wordt hij al snel als “He is nobody now” bestempeld. Adieu carrière..

Oude flair
'The Artist' klopt helemaal als zwijgende film. Zwart-witte, donkere hoeken, af en toe scheve camerastandpunten en mooie tussentitels vullen het beeld. Ook het narratief en het acteerwerk zijn passend voor de zwijgende film. Naast de verwijzingen naar andere films, is het verhaal volgens klassiek stramien opgebouwd met aan het eind de voorspelbare climax. Dujardin en Bejo lijken geheel uit de jaren ’20 te zijn gestapt. De knipogen van haar en de grote glimlach van hem zijn beide perfect. Weten we zeker dat ze anno nu zijn?
Constante lach
The Artist verdient zeker al zijn lovende kritieken. Het is een zoet drama dat ons toch ook een lesje filmgeschiedenis geeft. Je zit de gehele film in oude sferen en wordt op een soms benauwende manier met de verandering in film geconfronteerd. Lachen doe je echter constant. Om de goede cast en om het heerlijke hondje van George, die misschien wel de grootste ster is. Wanneer het Steven Spielberg lukt om inderdaad een Oscar voor dieren in te voeren, maakt deze zeker kans! Nog een prijs erbij!
|
|
|
|
|
|














